Statuten

STATUTEN LTV VORMER

NAAM EN DATUM VAN OPRICHTING
Artikel 1
De vereniging draagt de naam: "LTV VORMER", en is opgericht: 27 februari 1978.

ZETEL
Artikel 2
De vereniging is gevestigd te Wijchen.

DOEL
Artikel 3
1. De vereniging heeft als doel het doen beoefenen en bevorderen van de tennissport. 2. Zij tracht dit doel onder meer te bereiken door:
a) Het geven van gelegenheid tot het beoefenen van de tennissport;
b) Het vormen van een band tussen haar leden;
c) Het maken van propaganda voor de tennissport;
d) Het vertegenwoordigen van haar leden tegenover de vereniging: Koninklijke Nederlandse Lawn Tennis Bond (hierna te noemen: K.N.L.T.B.);
e) Het nemen van maatregelen, die kunnen leiden tot het verhogen van het spelpeil van de leden van de vereniging;
f) Het uitschrijven van- en deelnemen aan wedstrijden, speciaal ook door het deelnemen aan door de K.N.L.T.B. georganiseerde competitie;
g) Het verbreiden van de regels van het tennisspel onder de leden;
h) Alle wettig geoorloofde middelen die de vereniging verder ten dienste staan;
i) Al hetgeen te dezer zake nader is omschreven in het na te noemen Huishoudelijk Reglement.

LEDEN
Artikel 4
1. SENIORLEDEN
van de vereniging zijn natuurlijke personen, die op de eerste januari van het verenigingsjaar als bedoeld in artikel 11 lid 1, de zeventienjarige leeftijd hebben bereikt, en die de tennissport beoefenen of beoefend hebben.
2. ERELEDEN
zijn zij, die zich op bijzonder eervolle wijze jegens de vereniging of de tennissport in het algemeen onderscheiden hebben, en op grond daarvan door de Algemene Ledenvergadering, op voordracht van het bestuur, met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen als zodanig zijn benoemd.
Ereleden hebben dezelfde rechten en verplichtingen als in de wet, in het huishoudelijk reglement en in deze statuten aan leden zijn toegekend met inachtneming van artikel 8 lid 3.
3. JUNIORLEDEN
zijn natuurlijke personen, die op de eerste januari van het verenigingsjaar als bedoeld in artikel 11 lid 1, de zeventienjarige leeftijd nog niet hebben bereikt en die de tennissport beoefenen of beoefend hebben.
4. ONDERSTEUNENDE LEDEN
zijn zij, die in de vereniging geen speelrecht hebben, doch die zich bereid hebben verklaard de vereniging geldelijk of anderszins te steunen.
5. LEDEN VAN VERDIENSTE
Het bestuur kan het lidmaatschap van verdienste toekennen aan leden, die zich jegens de vereniging bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt. Deze benoeming geldt als persoonlijk eerbewijs en laat onverlet de positie van het betreffende lid en de daaraan verbonden rechten en verplichtingen.
6. Juniorleden en ondersteunende leden zijn geen leden in de zin der wet doch zij kunnen - behoudens dat zij geen stemrecht hebben, niet tot bestuurslid (1 x “kunnen” weg) worden benoemd, noch de bevoegdheid hebben als bedoeld in artikel 12 lid 4 - overigens dezelfde rechten en verplichtingen als in de wet en deze statuten aan seniorleden zijn toegekend en opgelegd. Bij een stemming in de Algemene Ledenvergadering hebben zij een adviserende stem.

AANMELDING EN TOELATING
Artikel 5
1. Aanmelding als lid van de vereniging geschiedt door het indienen bij de secretaris van het bestuur van een ingevuld en ondertekend aanmeldingsformulier, zoals nader bepaald in het Huishoudelijk reglement.
Betreft het de aanmelding van een minderjarige dan moet dit formulier mede zijn ondertekend door de wettelijke vertegenwoordiger van deze minderjarige.
2. Het bestuur beslist omtrent toelating van seniorleden, juniorleden en ondersteunende leden.
3. Bij niet-toelating door het bestuur tot seniorlid of juniorlid kan de Algemene Ledenvergadering alsnog tot toelating besluiten, echter slechts met de meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen.
4. Zij die op de "zwarte lijst” van de K.N.L.T.B. voorkomen, of door het bestuur van de K.N.L.T.B. geschorst zijn, kunnen geen lid van de vereniging zijn.

EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP.
Artikel 6
1. Het lidmaatschap van de vereniging eindigt:
a) door het overlijden van het lid;
b) door schriftelijke opzegging door het lid aan de secretaris van het bestuur;
c) door het niet tijdig betalen van de contributie:
d)door schriftelijke opzegging namens de vereniging:
deze opzegging kan gedaan worden, wanneer een lid niet meer voldoet aan de vereisten die door de statuten voor het lidmaatschap zijn gesteld, wanneer hij zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, wanneer hij het lidmaatschap van de K.N.L.T.B. verliest, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren;
e) Door ontzetting;
deze kan alleen worden uitgesproken bij besluit van de Algemene Ledenvergadering, genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen, wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen en/of besluiten van de vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
2. Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts geschieden tegen het einde van het verenigingsjaar en met inachtneming van een opzegtermijn van vier weken.
3. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
4. Een opzegging in strijd met het bepaalde in lid 2 van dit artikel doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip, volgende op de datum waartegen was opgezegd.
5. Een lid kan zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang opzeggen:
a. Binnen één maand nadat een besluit, waarbij de rechten van de leden zijn beperkt of hun verplichtingen zijn verzwaard, aan het lid bekend is geworden of is meegedeeld. Het besluit is alsdan niet op dat lid van toepassing. Een lid is evenwel niet bevoegd door opzegging een besluit, waarbij de verplichtingen van geldelijke aard van de leden zijn verzwaard, te zijnen opzichte uit te sluiten;
b. Binnen één maand nadat een besluit tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie aan hem is meegedeeld.
6. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren, staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de Algemene Ledenvergadering.
Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld.
Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
7. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft de contributie over het gehele verenigingsjaar verschuldigd.
8. In gevallen genoemd in lid 1 onder a, c, d en e, en lid 5 van dit artikel, eindigt het lidmaatschap onmiddellijk.
9. Het lidmaatschap van een erelid kan slechts eindigen op een der wijzen als in lid 1 sub a, b of e bepaald; voorts op de wijze als in lid 1 onder d bepaald doch in dat geval slechts op grond dat het betreffende lid het lidmaatschap van de K.N.L.T.B. verliest.

SCHORSING
Artikel 7
1. Leden, die handelen in strijd met statuten en/of huishoudelijk reglement van de vereniging of die zich niet gedragen naar de besluiten van de Algemene Ledenvergadering of naar besluiten die het bestuur van de vereniging krachtens de statuten of ingevolge de opdracht van de Algemene Ledenvergadering genomen heeft, kunnen worden geschorst voor maximaal vier weken of worden beboet per gebeurtenis met een geldbedrag van ten hoogste eenmaal de jaarlijkse bijdrage.
Bij een schorsing voor een langere periode dient het bestuur aan de Algemene Ledenvergadering een voorstel te doen tot ontzetting uit het lidmaatschap.
2. Geschorste leden zijn verstoken van alle rechten, welke uit het lidmaatschap voortvloeien, doch behouden het recht op de Algemene Ledenvergadering, waar hun schorsing en/of voorgestelde ontzetting wordt behandeld, aan de beraadslagingen deel te nemen.
3. Schorsing door de K.N.L.T.B. brengt schorsing als lid van de vereniging met zich mee.

CONTRIBUTIE
Artikel 8
1. De senior- en juniorleden moeten per verenigingsjaar het contributiebedrag betalen, dat bij besluit van de Algemene Ledenvergadering wordt vastgesteld, en dat per categorie kan worden bepaald.
2. De Algemene Ledenvergadering kan bepalen dat nieuw toegetreden leden - ondersteunende leden, ereleden en leden van verdiensten daaronder niet begrepen - een door het bestuur te bepalen entreegeld moeten betalen.
3. Ereleden zijn vrijgesteld van de verplichting tot betalen van contributie.
4. Het bestuur is voorts bevoegd gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot betalen van contributie en/of entreegeld door senior- en juniorleden te verlenen.
5. In de lid 1 van dit artikel genoemde contributie is inbegrepen de door het lid aan de K.N.L.T.B. verschuldigde contributie welke door de vereniging aan de K.N.L.T.B. wordt afgedragen.
De door ereleden aan de K.N.L.T.B. verschuldigde contributie wordt uit de verenigingskas betaald.

BESTUUR
Artikel 9
1. Het bestuur bestaat, behoudens indien zich het geval van artikel 9 lid 7 voordoet, uit een oneven aantal leden met een minimum van vijf, waaronder een voorzitter, een secretaris en een penningmeester die alle drie meerderjarig moeten zijn. Het aantal leden wordt vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering.
2. Bestuursleden worden gekozen en benoemd door de Algemene Ledenvergadering uit een lijst van door het bestuur en/of leden gestelde kandidaten. Verkiesbaar tot bestuurslid zijn alle seniorleden en ereleden.
Niet verkiesbaar tot bestuurslid zijn belanghebbenden bij de tennissport, tenzij volgens de reglementen van de K.N.L.T.B. dispensatie is verleend.
3. De voorzitter wordt door de Algemene Ledenvergadering in functie gekozen, de overige bestuursfuncties worden door de gekozenen in onderling overleg verdeeld.
4. De wijze van verkiezing, aftreden en/of vervanging van bestuursleden wordt nader bij het huishoudelijk reglement geregeld.
5. De Algemene Ledenvergadering kan een bestuurslid te allen tijde ontslag verlenen.
Het bestuurslidmaatschap eindigt ook wanneer het lidmaatschap van de vereniging eindigt, en wanneer het bestuurslid zijn functie wenst neer te leggen, door het overlijden van het bestuurslid en bij het verlies van het vrije beheer over zijn vermogen.
6. Bij een vacature in het bestuur benoemt de eerstvolgende Algemene Ledenvergadering een opvolger.
7. Indien in het bestuur één of meer vacatures ontstaan, blijven de overblijvende bestuursleden een bevoegd college vormen, tenzij het aantal zitting hebbende bestuursleden minder bedraagt dan het aantal vacatures.
In dat laatste geval zijn de overgebleven bestuursleden verplicht binnen een termijn van een maand na het ontstaan van de laatste vacature een Algemene Ledenvergadering bijeen te roepen, waarin wordt voorzien in de ontstane vacatures.
8. Bestuursbesluiten worden genomen bij gewone meerderheid van stemmen.
Indien tijdelijk als voorzien in voorgaand lid het bestuur uit een even aantal leden bestaat, geeft bij staking van stemmen de stem van de voorzitter de doorslag.
9. Van het verhandelde in elke vergadering worden notulen opgemaakt, die door de voorzitter en secretaris worden ondertekend.
10. Door de Algemene Ledenvergadering kunnen aan het bestuur juniorleden en/of ondersteunende leden als adviseurs worden toegevoegd

TAAK EN BEVOEGDHEDEN VAN HET BESTUUR.
Artikel 10
1. Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging.
De vereniging wordt in en buiten de vereniging vertegenwoordigd door het bestuur, dan wel door de voorzitter tezamen met de secretaris, de voorzitter tezamen met de penningmeester, of de secretaris tezamen met de penningmeester.
2. Het bestuur is onder meer bevoegd, mits niet langer dan één jaar, tot:
a) het huren, verhuren of op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van registergoederen:
b) het sluiten, beëindigen en wijzigen van arbeidsovereenkomsten.
3. Het bestuur behoeft de goedkeuring van de Algemene Ledenvergadering tot:
a) het sluiten van overeenkomsten tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen;
b) het sluiten van overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een derde verbindt;
c) het verrichten van rechtshandelingen waarvan de financiële betekenis of onbepaald is, of een bij huishoudelijk reglement te bepalen bedrag te boven gaat, of waardoor de vereniging langer dan één jaar gebonden wordt;
d) Het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een (bank)krediet wordt verleend;
e) het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruik maken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;
f) het aangaan van dadingen;
g) het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en van het nemen van die maatregelen, die geen uitstel kunnen leiden.
Op het ontbreken van deze goedkeuring van de Algemene Ledenvergadering kan, wat betreft de sub a en b bedoelde rechtshandelingen, door het bestuur tegen derden, dan wel door derden tegen de vereniging wel een beroep gedaan worden, terwijl op het ontbreken van deze goedkeuring van de Algemene Ledenvergadering, wat betreft de sub c tot en met g bedoelde rechtshandelingen, geen beroep gedaan kan worden.
4. Het bestuur kan met inachtneming van de voorgaande leden binnen de grens van zijn bevoegdheden een of meer van zijn leden schriftelijk machtigen voor het bestuur of de vereniging op te treden.
5. Het bestuur kan uit senior-, junior-, en/of ereleden één of meer commissies instellen, waarvan de leden voor de periode van één verenigingsjaar worden benoemd door het bestuur; ondersteunende leden en/of derden kunnen als adviseur worden toegevoegd.
6. Over alles wat niet in de wet, statuten of (huishoudelijk) reglement is geregeld, beslist het bestuur.

REKENING EN VERANTWOORDING.
Artikel 11
1. Het verenigingsjaar is gelijk aan het kalenderjaar.
2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
3. Jaarlijks wordt, uiterlijk in de maand april van het volgende verenigingsjaar, een Algemene Ledenvergadering - de jaarvergadering – gehouden. Daarin brengt het bestuur zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en een staat van baten en lasten, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerd bestuur. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van één of meer hunner dan wordt daarvan onder opgaaf van redenen melding gemaakt.
4. De Algemene Ledenvergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van tenminste twee personen die geen deel mogen uitmaken van het bestuur.
Deze commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het bestuur en brengt aan de Algemene Ledenvergadering verslag uit van haar bevindingen.
Verkiezing, vervanging en/of aftreden van deze commissieleden worden nader geregeld bij het huishoudelijk reglement, danwel bij een nader in te stellen commissiereglement.
5. Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie van onderzoek zich door een deskundige laten bijstaan.
Het bestuur is verplicht aan de commissie alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.
6. De last van de commissie kan te allen tijde door de Algemene Ledenvergadering worden herroepen, doch slechts door benoeming van een andere commissie.
7. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in het tweede en derde lid, tien jaar lang te bewaren.

ALGEMENE LEDENVERGADERING.
Artikel 12
1. Aan de Algemene Ledenvergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
2. Op de jaarvergadering, als bedoeld in artikel 11 lid 3 komen onder meer aan de orde:
a) de notulen van de laatstgehouden Algemene Ledenvergadering;
b) het jaarverslag, als bedoeld in artikel 11 lid 3;
c) het verslag van de commissie, als bedoeld in artikel 11 lid 4;
d) de rekening en verantwoording, als bedoeld in artikel 11 lid 3;
e) de benoeming van de in artikel 11 lid 4 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;
f) de verkiezing van de voorzitter van het bestuur als bedoeld in artikel 9 lid 3;
g) de verkiezing van de andere bestuursleden als bedoeld in artikel 9 lid 2;
h) de verkiezing van de commissies, waarvan de benoeming der leden krachtens het huishoudelijk reglement is opgedragen aan de Algemene Ledenvergadering;
i) de vaststelling van de contributie voor het lopende verenigingsjaar;
j) de vaststelling van de begroting van het lopende verenigingsjaar;
k) voorstellen van de zijde van het bestuur;
l) voorstellen, ingediend door tenminste vijf leden;
m) wat verder ter tafel komt;
(oude lid 3 vervallen)
3. Andere Algemene Ledenvergaderingen dan de vorenbedoelde jaarvergadering worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk acht of wanneer het daartoe volgens de wet of de statuten verplicht is.
4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een/tiende van het aantal stemgerechtigde leden verplicht tot het bijeenroepen van een Algemene Ledenvergadering op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek.
Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 13, of bij advertentie in tenminste één ter plaatse waar de vereniging gevestigd is gelezen dagblad. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen.

BIJEENROEPING ALGEMENE LEDENVERGADERING.
Artikel 13
1. De Algemene Ledenvergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur.
De oproeping geschiedt schriftelijk aan de bij het bestuur bekende adressen van alle leden met inachtneming van artikel 17 en 18.
2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in de artikelen 17 en 18, en voorts onverminderd de mogelijkheid tot besluitvorming volgens bij het Huishoudelijk Reglement te stellen regelen terzake door het bestuur als urgent beschouwde voorstellen.

TOEGANG EN STEMRECHT.
Artikel 14
1. Toegang tot de Algemene Ledenvergadering hebben alle leden van de vereniging.
Geen toegang hebben geschorste bestuursleden en - met in achtneming van het tweede lid van artikel 7 - geschorste leden, met dien verstande dat een te schorsen lid toegang heeft tot de vergadering waarin het besluit tot schorsing wordt behandeld. Hij heeft tevens het recht in die vergadering het woord te voeren.
2. Over toelating van andere dan in lid 1 bedoelde personen beslist de Algemene Ledenvergadering.
3. Ieder senior- en erelid, mits niet geschorst, heeft één stem.
4. Het uitbrengen van zijn stem bij volmacht is niet toegestaan.

VOORZITTERSCHAP - NOTULEN
Artikel 15
1. De Algemene Ledenvergadering wordt, tenzij de situatie zich voordoet als omschreven in artikel 12, vierde lid, laatste zin, geleid door de voorzitter van het bestuur of zijn plaatsvervanger.
Ontbreken de voorzitter en zijn plaatsvervanger, dan treedt een van de andere bestuursleden, door het bestuur aan te wijzen, als voorzitter op.
Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering zelve in haar leiding.
2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een nader door de voorzitter daartoe aangewezen persoon notulen gehouden, die na goedkeuring door de, door de Algemene Ledenvergadering in te stellen, notulencommissie alsdan door de voorzitter en notulist worden vastgesteld en ondertekend.
Zij die de vergadering bijeenroepen als bedoeld in artikel 12 lid 4 kunnen een notarieel proces-verbaal van het verhandelde doen opmaken.

BESLUITVORMING.
Artikel 16
1. Het ter Algemene Ledenvergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter dat door de vergadering een besluit is genomen, is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het in het eerste lid bedoelde oordeel de juistheid ervan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid der vergadering, of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt.
Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
3. Een Algemene Ledenvergadering kan slechts dan geldige besluiten nemen indien tenminste ééntiende van het aantal stemgerechtigde leden aanwezig is. Is dit vereiste aantal stemgerechtigde leden niet aanwezig dan moet binnen een en twintig dagen daarna een tweede Algemene Ledenvergadering met dezelfde te behandelen onderwerpen worden bijeen geroepen en gehouden, die alsdan geldige besluiten kan nemen, ongeacht het aantal aanwezige leden.
4. Voorzover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de Algemene Ledenvergadering genomen met een gewone meerderheid van stemmen.
5. Blanco stemmen worden meegeteld voor de bepaling van het aantal geldige stemmen.
Bij onthouding van stem, wordt deze aangemerkt als niet te zijn uitgebracht.
6. Indien bij een verkiezing van personen niemand de meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming plaats.
Heeft dan ook niemand de meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats totdat hetzij een persoon de meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken.
Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet begrepen is de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon, op wie bij de voorgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht.
Is bij die voorgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan een persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt, op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht.
Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beide is gekozen.
7. Indien de stemmen staken over een voorstel niet rakende verkiezing van personen, dan is het voorstel verworpen.
8. Stemmingen niet rakende verkiezing van personen, geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden zulks vóór de stemming verlangt.
Stemmingen over personen geschieden schriftelijk;
Het bestuur kan in afwijking daarvan de stemming mondeling danwel bij acclamatie doen plaatsvinden tenzij één van de ter vergadering aanwezige stemgerechtigde leden hiertegen bezwaar maakt en schriftelijke stemming verlangt.
Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes.
9. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de Algemene Ledenvergadering.
10 Zolang in een Algemene Ledenvergadering alle leden aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding - ook al heeft geen oproeping plaats gehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is er enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van vergaderingen of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.

STATUTENWIJZIGING.
Artikel 17
1. De statuten van de vereniging kunnen worden gewijzigd door een besluit van een Algemene Ledenvergadering, mits de oproeping tot deze vergadering tenminste vier weken tevoren heeft plaatsgevonden en in de oproeping het voorstel tot statutenwijziging woordelijk is vermeld.
2. Een besluit tot statutenwijziging moet worden genomen met een meerderheid van tenminste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen, in een vergadering waarin tenminste twee/derde van het aantal leden aanwezig is.
Is niet twee/derde van de leden aanwezig, dan wordt binnen drie weken daarna een tweede vergadering bijeengeroepen en gehouden waarin over het voorstel, zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal aanwezige leden kan worden besloten, mits met een meerderheid van tenminste twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
3. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat:
a) het bestuur van de K.N.L.T.B., door het bestuur van de vereniging daarom erzocht, schriftelijk te kennen heeft gegeven geen bezwaar te hebben tegen het genomen besluit, en;
b) van deze statutenwijziging een notariële akte is opgemaakt.

ONTBINDING.
Artikel 18
1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de Algemene Ledenvergadering; het bepaalde in de leden 1 en 2 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
2. De vereffening van het vermogen van de ontbonden vereniging geschiedt door het bestuur, tenzij bij het besluit tot ontbinding een of meer anderen tot vereffenaar zijn aangewezen.
3. Het batig saldo na vereffening vervalt aan degenen, die ten tijde van het besluit tot ontbinding lid waren.
Ieder van de leden ontvangt een gelijk deel.
Bij het besluit tot ontbinding kan ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven.
4. De vereniging houdt op te bestaan op het tidstip waarop geen aan haar, dan wel aan de vereffenaars bekende baten meer aanwezig zijn. De vereffenaars doen hiervan opgaaf aan de registers waar de vereniging is ingeschreven.

(HUISHOUDELIJK) REGLEMENT.
Artikel 19
1. De Algemene Ledenvergadering kan een Huishoudelijk Reglement alsook andere reglementen vaststellen.
2. Een (Huishoudelijk) Reglement mag niet in strijd zijn met de wet, noch met de statuten.

Aldus vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering op 25 maart 2003.





























































 

Inschrijven tennislessen najaar 2017

Hier inschrijven

Indeling WTK 2017


Sponsor kliks


 
SponsorKliks, gratis sponsoren!

Buienradar



Klik op het plaatje voor meer informatie.

Onze Sponsoren